“Ik ben zó toe aan vakantie.” Heb je vakantie nodig of kijk je ernaar uit?
Vakantie is bedoeld om op te laden, maar lukt dat ook als je al weken over je grenzen gaat? Ontdek waarom rust, herstel en duurzame inzetbaarheid juist in de zorg zo belangrijk zijn.


Rond deze tijd van het jaar hoor ik die uitspraak bijna dagelijks.
En al jaren vraag ik mij iedere keer hetzelfde af.
Waarom moeten we eerst leeg zijn om te kunnen herstellen?
𝘈𝘭𝘴 𝘫𝘦 𝘷𝘢𝘬𝘢𝘯𝘵𝘪𝘦 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘢𝘭 𝘷𝘰𝘦𝘭𝘵 𝘢𝘭𝘴 𝘦𝘦𝘯 𝘳𝘦𝘥𝘥𝘪𝘯𝘨𝘴𝘣𝘰𝘦𝘪…
𝘪𝘴 𝘦𝘳 𝘥𝘢𝘯 𝘮𝘪𝘴𝘴𝘤𝘩𝘪𝘦𝘯 𝘮𝘦𝘦𝘳 𝘢𝘢𝘯 𝘥𝘦 𝘩𝘢𝘯𝘥 𝘥𝘢𝘯 𝘢𝘭𝘭𝘦𝘦𝘯 𝘦𝘦𝘯 𝘥𝘳𝘶𝘬𝘬𝘦 𝘱𝘦𝘳𝘪𝘰𝘥𝘦?
Ik begrijp het hoor, er moeten zaken worden afgerond, tijdelijk worden overgedragen, je team en/of cliënten worden voorbereid en alles wordt in gereedheid gebracht zodat jij even 2/3 weken gemist kan worden.
Natuurlijk is vakantie waardevol.
Even afstand nemen en niet geleefd worden door je vaste werkritme.
Even op adem komen en je werk even laten voor wat het is.
𝗠𝗮𝗮𝗿 𝗱𝗲 𝘃𝗿𝗮𝗮𝗴 𝗶𝘀:
𝘏𝘦𝘳𝘴𝘵𝘦𝘭 𝘫𝘦 𝘦𝘤𝘩𝘵… 𝘰𝘧 𝘬𝘰𝘮 𝘫𝘦 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘢𝘭 𝘦𝘷𝘦𝘯 𝘰𝘱 𝘢𝘥𝘦𝘮 𝘰𝘮 𝘥𝘢𝘢𝘳𝘯𝘢 𝘸𝘦𝘦𝘳 𝘪𝘯 𝘩𝘦𝘵𝘻𝘦𝘭𝘧𝘥𝘦 𝘳𝘪𝘵𝘮𝘦 𝘵𝘦𝘳𝘦𝘤𝘩𝘵 𝘵𝘦 𝘬𝘰𝘮𝘦𝘯?
In veel teams zie ik hetzelfde patroon:
👉 Oplopende werkdruk
👉 Minder herstelmomenten
👉 Gaten vullen voor collega's
👉 Meer vermoeidheid richting de zomer
👉 Na de vakantie: vaak niet echt opgeladen terug
𝗗𝘂𝘂𝗿𝘇𝗮𝗺𝗲 𝗶𝗻𝘇𝗲𝘁𝗯𝗮𝗮𝗿𝗵𝗲𝗶𝗱 𝗯𝗲𝗴𝗶𝗻𝘁 𝘄𝗮𝘁 𝗺𝗶𝗷 𝗯𝗲𝘁𝗿𝗲𝗳𝘁 𝗻𝗶𝗲𝘁 𝗯𝗶𝗷 𝗱𝗿𝗶𝗲 𝘄𝗲𝗸𝗲𝗻 𝘃𝗮𝗸𝗮𝗻𝘁𝗶𝗲.
Het begint bij wat je doet op de gewone maandagmiddag.
Neem je voldoende pauze?
Kun je je werk loslaten als je thuiskomt?
Durf je grenzen aan te geven voordat je energie op is?
Want als opladen alleen tijdens je vakantie lukt…
𝘐𝘴 𝘷𝘢𝘬𝘢𝘯𝘵𝘪𝘦 𝘯𝘰𝘨 𝘥𝘢𝘯 𝘯𝘰𝘨 𝘩𝘦𝘳𝘴𝘵𝘦𝘭…
𝘰𝘧 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘢𝘭 𝘦𝘦𝘯 𝙩𝙞𝙟𝙙𝙚𝙡𝙞𝙟𝙠𝙚 𝘰𝘱𝘭𝘶𝘤𝘩𝘵𝘪𝘯𝘨 𝘪𝘯 𝘱𝘭𝘢𝘢𝘵𝘴 𝘷𝘢𝘯 𝙨𝙩𝙧𝙪𝙘𝙩𝙪𝙧𝙚𝙚𝙡 𝘩𝘦𝘳𝘴𝘵𝘦𝘭?
Daarom is het relevant om niet alleen naar de zomer te kijken, maar naar wat er door het hele jaar heen gebeurt, wat er voor de vakantieperiode gebeurt en hoe het daarna weer wordt opgepakt.
💬 𝗜𝗸 𝗯𝗲𝗻 𝗯𝗲𝗻𝗶𝗲𝘂𝘄𝗱 𝗻𝗮𝗮𝗿 𝗷𝗼𝘂𝘄 𝗲𝗿𝘃𝗮𝗿𝗶𝗻𝗴.
𝘏𝘦𝘣 𝘫𝘪𝘫 𝘩𝘦𝘵 𝘨𝘦𝘷𝘰𝘦𝘭 𝘥𝘢𝘵 𝘫𝘦 𝘥𝘰𝘰𝘳 𝘩𝘦𝘵 𝘫𝘢𝘢𝘳 𝘩𝘦𝘦𝘯 𝘷𝘰𝘭𝘥𝘰𝘦𝘯𝘥𝘦 𝘰𝘱𝘭𝘢𝘢𝘥𝘵?
𝘖𝘧 𝘪𝘴 𝘥𝘦 𝘷𝘢𝘬𝘢𝘯𝘵𝘪𝘦 𝘷𝘰𝘰𝘳𝘢𝘭 𝘩𝘦𝘵 𝘮𝘰𝘮𝘦𝘯𝘵 𝘸𝘢𝘢𝘳𝘰𝘱 𝘫𝘦 𝘸𝘦𝘦𝘳 “𝘣𝘪𝘫 𝘮𝘰𝘦𝘵 𝘵𝘢𝘯𝘬𝘦𝘯”?


